Dobbeltekenen (T 10)
In elk
groepje beschikken ze over een dobbelsteen.
Noteer op het bord opdrachten die de leerlingen in volgorde moeten
oplossen om zo tot de vooropgestelde tekening te komen. Het tekenen kan
pas starten als je 1 gooit
(= de eerste opdracht), nadien 2 (= tweede opdracht), enz...
Bijvoorbeeld: we tekenen het gezicht van een clown.
Ik gooi 1 = ik teken een grote cirkel, de omtrek van zijn gezicht
Ik gooi 2 = ik teken zijn linkeroog
Ik gooi 3 = ik teken zijn rechteroog
Ik gooi 4 = ik teken zijn lachende mond
Ik gooi 5 = ik teken zijn neus
Ik gooi 6 = ik teken zijn grappige hoed
Wie heeft als eerste de clown getekend?
Je kunt natuurlijk heel wat opdrachten verzinnen.